Overzicht 2004

2004 Jaar van de doorbraak?

Nu, je kunt het het jaar van de doorbraak noemen, maar het hele jaar is wel doorspekt met scheurtjes, breukjes en andere malheur. In Oktober 2003 begint het eigenlijk al te kriebelen.

Al snel ben ik weer regelmatig op de baan en train ik op de Woensdag een loopgroepje op mijn werk. De combinatie van snelheidswerk, explosiviteit en middenlange afstand is geen goede. Binnen de kortste keren loop ik met 2 geïrriteerde kuiten/achilles pezen en bezoek de huisarts, fysio en sportarts. Begin December gaat het beter en wil ik toch eigenlijk wel een testje afleggen: "Moet/kan ik door, heeft het zin om me op te laden voor een NK en WK, of moet ik het allemaal maar uit mijn hoofd zetten?" Een regionale wedstrijd in Munster staat voor de deur. Als oude Senior doe ik het helemaal niet slecht. Met verspringen wordt ik nog 3de ook met 6m28. Op de 60 meter kom ik op dat moment nog wat snelheid te kort, maar de 7.62s is heel niet slecht. In bereslecht weer loop ik wat uit en kruip met de familie weer in de auto op weg naar huis. Waar het verkeerd is gegaan, weet ik nog steeds niet maar 's avonds krijg ik ineens flinke pijn in de liesstreek. Deze blessure blijft mij uiteindelijk nog bijna een jaar parten spelen. Zowel op het NK Indoor als de WK Indoor loop ik er door heen. Ten goede of ten kwade, blijft altijd de vraag.

Na afloop van het WK keer ik terug naar de fysio, want ik wil er vóór de start van het Outdoor seizoen vanaf zijn. Mispoes. Het is een begin van een aaneenschakeling van blessures, omdat ik te weinig kan trainen maar wel wedstrijden wil lopen. Zo komt de Veteranen Competitie te vroeg. Ik rijd wel met de ploeg naar Steenwijk, loop vol goede moed in, maar moet met een geweldig gezwollen kuit weer afhaken. Overigens moet een groot gedeelte van de ploeg afhaken. Alleen Bert Elshof, Siegbert Gnoth en Martin Regtop nemen deel. Het puntentotaal is matig, we staan dan 22ste of zo, maar omdat we slechts 5 van de 10 onderdelen hebben gedaan gloort er toch nog hoop. Herstel neemt weer tijd in beslag, maar de volgende wedstrijd dient zich al weer aan. Het NK moet ik laten schieten. Omdat het in Vught is en daar (in de buurt) mijn (schoon)ouders wonen, kijk ik wel toe hoe de anderen presteren. Met pijn in het hart, dat wel. Pas twee weken daarna heb ik mijn eerste Outdoor wedstrijd.

De tweede Veteranen Competitie wedstrijd is van levensbelang. Alleen met een volledig opgetuigde ploeg en optimale prestaties kunnen we ons alsnog plaatsen voor de finale. Het lukt, sterker nog, met ons puntentotaal zijn we direct favoriet voor de titel. Helaas kent de Competitie geen 110mh, en moet ik mijn kunsten laten zien op het Verspringen (6.42m), 400m (55.31s) en de estafette (2min22.1s). De kuiten spelen nog steeds op net zoals de lies. Ben ik nog op tijd fit en in vorm voor het EK in Denemarken? Als voorbereiding hierop rijden we met het gezin op een vrijdagavond nog naar Wijchen. Een desillusie. De baan blijkt de sprintbanen op het zuidwesten te hebben liggen en laat daar nou net vaak de wind vandaan komen. De gebrekkige voorbereiding leid tot een race met horten en stoten. Ik ben dus helemaal niet tevreden met de eindtijd (16.1 sec) en kom als eerste vloekend over de finish na een vijfpas. Dit vraagt om een andere bevestiging/motivatie. Dus ben ik present op een avondwedstrijd een week later in Utrecht. Prima sfeertje en prima weertje. In een competitieve race tegen wat junioren loop ik 15.60 seconden. Dat lijkt er meer op. Bij het verspringen maak ik de wedstrijd (inclusief finale) niet helemaal af. Er moet tenslotte nog wat energie overblijven. De 6m31 is niet wat ik hoopte. Nou, dan moet het in Arhus maar beter gaan.

In Arhus betaal ik de prijs voor te weinig training, teveel spanning en teveel prestatiedrang. Het weer is wisselvallig en op de dag van de Verspring kwalificatie is het slecht weer. Niet alleen voor de atleten, ook de toeschouwers zitten soms te klappertanden op de tribune. Na een volledige voorbereiding komen we in de namiddag met een klein groepje van 13 atleten in het stadion. We weten alsnog de jury ervan te overtuigen dat we ook de volgende dag m et zijn 13en naar de finale kunnen gaan (er zouden zich er 12 mogen plaatsen). Alle trainingspakken kunnen dus weer aan, en de volgende ochtend begint het ritueel weer opnieuw. Het is veel beter weer, maar het is wel een tweede langdurige voorbereiding in korte tijd. Met een sprong van 6.31 meter plaats ik me als vijfde voor de finale. Een medaille lonkt, want de nummers 2 t/m 6 staan dicht bij elkaar. Ik voel tijdens de sprongen de spanning in mijn hamstring toenemen. Sla er geen acht op, want in Sindelfingen heb ik met zo'n gevoel nog twee 60mh races gelopen. Bij het verspringen gaat het echter toch mis, bij poging 4 merk ik tijdens het afzetten iets en klap ik bij de landing als een harmonica in elkaar. Kruipend sleep ik mezelf uit de bak met een hamstringblessure. Dag medaillekansen. Ondanks uitstekende verzorging van Michel van Osch, de fysio die door de KNAU is aangewezen, moet ik met tranen in mijn ogen afzien van deelname aan de 110 mh. Ik zie oude bekenden in een stralend zonnetje prachtige races lopen met mijn been op de balustrade. De winnaar zou ook voor mij onbereikbaar zijn, maar een 2de plek had erin gezeten. Maar aan had heb je niets. De vakantie die volgt is natuurlijk enigszins bedompt. Zelfs badmintonnen met de kinderen is uit den boze. Later in het jaar kan ik nog net meedoen aan de Veteranen Competitiefinale. Ook die wedstrijd komt te vroeg en zoals mij inmiddels bekend loop en spring ik met zeer pijnlijke achillespezen. Gelukkig worden we wel met overmacht Nederlands Kampioen. In September wordt het vizier gericht op 2005. Was 2004 dan niet echt het jaar van de doorbraak? Dan moet 2005 het maar worden.

22 december 2004

Category: Weblog
Text Size

You are here

Back to Top